Geef de pen door!

5 nov 2019
Deze keer in "Geef de pen door" vertelt Robert van der Noord wat de NFP voor hem betekent.

"Psychosomatiek heeft echt de toekomst"

Beste collega’s,


Ik ben Robert van der Noord, 33 jaar en woon in het prachtige Groningen samen met mijn vrouw. In 2010 ben ik afgestudeerd als fysiotherapeut aan de Hanze Hogeschool in Groningen en in 2016 haalde ik mijn MSc psychosomatiek bij de Hogeschool Utrecht. Sinds het voorjaar van 2019 ben ik in het bezit van het diploma pijn fysiotherapeut van de Europese Federatie voor Pijn (EFIC). Ik ben eigenaar van inter-fysio, een praktijk die zich richt op psychosomatiek, orofaciale klachten en complexe pijnklachten. Naast patiëntenzorg hou ik me bezig met onderzoek en enkele projecten van de NFP en het KNGF.


Lid van het NFP voelde voor mij na de studie als een vanzelfsprekendheid. Je bent het met elkaar en voor elkaar. Als je iets wilt veranderen of je stem wil laten horen moeten we dit samen met elkaar doen. Psychosomatiek betekent voor mij de verbinding tussen de biomedische wereld en de geestelijke gezondheidszorg. In onze maatschappij zijn het nog te veel twee aparte werelden waardoor in sommige gevallen kleine klachten onnodig groot worden. Wij als psychosomatische fysiotherapeuten kunnen de brug zijn tussen deze twee werelden en zorgen voor de juiste zorg op de juiste plek, (ik hoop) kosten efficiënt en zo ook onnodige zorg tegen te gaan.


De afgelopen jaren als psychosomatisch fysiotherapeut heb ik mensen met bijzondere, grappige, heftige en ontroerende verhalen gezien. Maar bijna altijd was er sprake van veel (onzichtbaar) leed. Ik merk dat ik hierdoor rustiger, bescheidener en milder ben geworden en anders naar de wereld ben gaan kijken. Er is dan ook niet een casus die er voor mij direct uitspringt, maar elke week weer bewonder ik de veerkracht die sommige cliënten laten zien.


Als ik mee zou mogen draaien in het NFP bestuur zou mijn eerste voorstel zijn om een wetenschapscommissie aan te stellen en een wetenschappelijke agenda met speerpunten voor psychosomatisch onderzoek.


Ik ben van mening dat we snel en meer moeten verwetenschappelijken. Ik kan me voorstellen dat sommige collega’s hier misschien weinig voor voelen... Maar als we ons prachtige vak willen behouden en serieus genomen willen (blijven) worden door zowel de medici, de geestelijke gezondheidszorg en de zorgverzekeraars dan moeten we. Het komt nu nog te veel voor dat we niet dezelfde taal spreken.


De wetenschap moet ons prikkelen om de juiste vragen te stellen. Hoe kunnen wij laten zien en uitleggen aan andere hulpverleners wat en waar psychosomatische fysiotherapie voor staat? Waarom behandelen wij zoals we behandelen? Heb ik betere en efficiëntere behandelopties voor mijn cliënt? Durven we onzinnige interventies in te ruilen voor iets anders? Kan ik als therapeut beter begrijpen waarom mijn behandeling effectief is en kan ik mijn cliënt hierover juist informeren? De wetenschap kan je helpen om antwoorden te krijgen op die vragen maar dan moeten we die vragen wel onderzoeken!


Ik hoop van harte dat er veel vragen uit de praktijk komen. Dit kan bijvoorbeeld zijn het uitwerken van theoretische verklaringsmodellen, interventie studies en bijvoorbeeld effectiviteitstudies.


Ik deel de mening van Ninke Kromdijk dat psychosomatiek echt de toekomst heeft en dat we een meerwaarde zijn binnen de gezondheidszorg. Die positie in de zorg moeten we pakken en opeisen. Waarbij we wetenschap niet moeten zien als een stok om mee te slaan maar een middel om in die positie te komen en te komen tot betere zorg voor onze cliënten, dat willen we toch allemaal?


Ik geef de pen door aan Shari van Holsteijn.
 

 

Trefwoorden: